Een veelgemaakte fout is te denken dat de alwetende verteller de schrijver is. Ook is de alwetende verteller niet de schepper van het verhaal, noch een personage.
De verwarring wordt misschien gewekt door dat alwetende; in het Engels spreekt men van een narrator: een verteller, zonder die godgelijke toevoeging. Nu zitten we dichter op zijn ware aard; de alwetende verteller vertelt en permitteert zich een zelfgekozen waarheid. Ad libitum, hij doet zijn werk immers louter binnen de grenzen van de fictie.